Doorstarten: een terugkerend thema

Door McGryphon op maandag 18 november 2013 02:56 - Reacties (7)
Categorie: -, Views: 4.826

Doorstarten.

Doorstarten kan verschillende dingen betekenen. Een bedrijf dat failliet is gegaan, maar dankzij een financiŽle injectie of overname de deuren weer opent. Een auto die afslaat voor het stoplicht, waarbij de sleutel toch weer omgedraaid wordt in het contactslot. Een jarenlang genegeerde weblog toch maar eens updaten.

Om eerst even een heel korte update op mijn laatste twee posts te geven:
Mijn mountainbike is momenteel incompleet, daar ik door blessures de sport heb moeten opgeven. Nu ik van die blessures af ben, enige permanente schade aan mijn kniepees daargelaten, wil ik het eigenlijk hobbymatig weer oppakken. Hiervoor zoek ik overigens een witte voorvork met 80mm veerweg, postmount-rembevestiging en een 1 1/8" stuurbuis van minimaal 22 cm :P
Dat is potentieel al een doorstart. Heuj, een thema.

Mijn gitaar is nog steeds dezelfde Epiphone, echter met wat beschadigingen van optredens en EMG-pickups. Ook staat er tegenwoordig altijd een JCM900 met aangepast eindversterkercircuit op me te wachten. Helaas heb ik de laatste maanden vanwege tijdsgebrek en prioriteiten mijn gitaar nauwelijks aangeraakt, echter zijn 2 vrienden en ik van plan binnenkort met een eerder opgeheven band verder te gaan, en heb ik ook afgelopen week eindelijk weer eens lekker zitten spelen.
Verrek, da's ook al een doorstart.


Maar dat is allemaal niet waar ik in eerste instantie aan dacht toen ik besloot deze blogpost te schrijven.

Om maar met de deur in huis te vallen: mijn oma van moederszijde, mijn laatste overlevende grootouder, is woensdag 13 november overleden. Morgen is de uitvaart, en dat is de reden dat ik nu niet aan nachtrust toe kom. Ze leed sinds ~15 jaar geleden aan Alzheimer. Een afschuwelijke ziekte, waar ook mijn andere, reeds 11 jaar geleden overleden oma aan leed. Het deed me toen al, en de laatste jaren des te meer, enorm veel pijn om te zien hoe mijn oma steeds meer begon te vergeten. Dat begint met kleine dingetjes: Waar is die leesbril heen, waarom staat die pan op het vuur? Erger wordt het wanneer essentiŽlere herinneringen verloren gaan. Wie zijn die vreemden in de huiskamer? Waarom kijken ze zo bezorgd? En dan begint het te dagen: dat is familie. Ik kan me absoluut niet voorstellen hoe het op die momenten voor haar voelde, maar het brak mijn hart elke keer dat ik zag hoe mijn oma de draad volledig kwijtraakte en plots opnieuw terugvond. De pijn die op die momenten uit haar ogen en reactie sprak.

Tot het moment dat de draad niet meer herpakt werd.

Het is inmiddels bijna acht jaar geleden dat ik haar voor het laatst mijn naam heb horen zeggen. En daarna werd het rap erger. Wanneer we op bezoek kwamen herkende ze mijn jongere neefjes en nichtjes vaak niet eens meer. Ik werd nooit meer bij mijn eigen naam genoemd door haar, wat na een tijdje omsloeg in incidenteel de naam "Antoon": De naam van haar jaren eerder overleden man. Ook dat hield na verloop van tijd op. Het enige wat ze toen nog over haar kleinkinderen te zeggen had, zelfs degenen die al hun hele leven in de andere helft van het huis woonden, was "Wat worden ze groot!". Niet veel later begon ze de namen van haar eigen dochters door elkaar te halen, tot ze nog geen half jaar daarna zich die namen niet eens meer kon herinneren. Op dat moment begon er eventjes een lichtje van herkenning in haar ogen te branden als ze me zag, alvorens ook dat uitdoofde. Ik was toen net zestien.

Sindsdien ben ik daar, ondanks slechts 7 kilometer verderop te wonen, bijna nooit meer langsgeweest. Ik kon het niet. Zij was nog wel mijn oma, maar voor haar was ik een vreemde. Ik kon, en kan, hier niet mee om gaan. De keren dŗt ik nog langs ben gekomen betekende dat dat ik de rest van de dag uit mijn doen was. Het was, cru gezegd, afwachten tot het onvermijdelijke einde. Ik heb me er meer dan 4 jaar op kunnen voorbereiden.

Flash-forward, woensdag 17 november.
Ik zit op zwart zaad; de belastingdienst heeft twee dagen geleden besloten dat alle heffingskorting die ik de afgelopen 3 jaar heb ontvangen bij mijn loon toch voor hun is, ondanks dat ik in die drie jaar bij elkaar nog niet genoeg geld verdiend heb om belasting over te moeten betalen bij dat baantje. Hierdoor is ook de contributie voor mijn studentenvereniging niet afgeschreven; er stond niet genoeg geld op mijn bankrekening daarvoor. En mijn huisbaas heeft eerder die dag gebeld dat hij een brief van twee huisgenoten van me gehad heeft, waar hij vrijdag even over wil praten. Ik zit in Heeswijk, bij mijn ouders, want ik heb een auto gekregen die naar Eindhoven gereden moet worden. Mijn moeder zegt gedag, ze moet naar haar werk, en ik zal haar vrijdag wel weer zien. Nog geen kwartier later loopt mijn pa de kamer waar ik zit in.
"Toon, misschien is het beter als je nog eventjes hier blijft."
Ik weet niet wat er aan de hand is, dus ik vraag aan de vriend van me die mee is om in de auto te rijden of dat een probleem is. Geen probleem.
"Wat is er dan?"
"Oma is net overleden, smam is omgedraaid en gaat nu naar daar."
Op dat moment dringt het nog niet volledig tot me door. Eigenlijk is het ook wel beter zo, en ik heb toch al genoeg aan mijn hoofd. Drie kwartier later komt mijn moeder met rode ogen binnen gelopen. We hebben in stilte koffie gedronken, ik heb haar eens omhelsd en ik ben naar Eindhoven gereden. Ik had immers de dag erna gewoon colleges.

Donderdag had ik nergens last van, behalve een wat korter lontje dan normaal. Ik was daar in Eindhoven, een plaats die ik in het geheel niet met haar associeer, en ik had toch al genoeg aan mijn hoofd daar, zeker nu het bestuur van mijn vereniging aan mijn hoofd begon te zeuren over werk voor de commissies waar ik in zit. Wel heb ik mezelf die avond, in eerste instantie ongemerkt, al snel vol overgave, te pletter gezopen.

Vrijdag: de dag dat de huisbaas langs zou komen. 's ochtends met een gigantische kater en gedeprimeerd toch maar bij het college wiskunde gaan zitten, hoe weinig ik er ook van leer. Daarna naar huis, en de huisbaas laten weten dat ik thuis was en hij bij voorkeur zo vroeg mogelijk langs kon komen; ik moest immers nog terug naar Heeswijk.
Om 14:15 arriveerde de huisbaas, en liet me de brief lezen. Twee huisgenoten waar ik al een tijdje mee overhoop lig hadden een brief gestuurd met daarin alles wat zij meenden dat ik verkeerd had gedaan het afgelopen jaar. Zo zou ik drie keer per week om 5 uur 's ochtends of later thuiskomen, en per direct op belachelijk volume muziek aanzetten of gitaar gaan spelen. En de enige echte veroorzaker van het muizenprobleem in het huis zijn. En zo nog een hoop andere klachten, allemaal even onwaar of op zijn minst met een factor 5 aangezet ten opzichte van de werkelijkheid. Dat zag mijn huisbaas ook in, maar gezien deze onhoudbare situatie zijn we overeengekomen dat ik binnenkort naar een andere kamer in zijn beheer ga verhuizen. Hier komen helaas weer kosten bij kijken, bovenop mijn toch al florissante financiŽn. Met deze oplossing ben ik niet geheel tevreden, maar daar zal ik vast een keer een andere blog aan wijden.
Daarna ben ik terug naar mijn ouders gegaan. Hoe weinig ik er de voorgaande dag aan gedacht had, zo hard kwam het allemaal terug toen ik de huiskamer in stapte.
Mijn moeder vroeg hoe het ging.
"Kut."
Ik ben huilend op de bank gaan zitten; ik kan mezelf nog zo'n stoere vent vinden, ik schaam me hier absoluut niet voor. Ik kreeg koffie aangereikt, en heb die toen pogend de tranen tegen te houden die koffie opgedronken terwijl mijn moeder praatte. Wat ze zei? Dat is niet meer binnengekomen. Ik zat met mijn hoofd tien jaar in het verleden.

Zaterdag moest ik al vrij vroeg bij Jong Nederland zijn, we gingen daar de intocht van sinterklaas kijken met de minioren en maxioren, een groep kinderen van 4 tot 9 jaar oud. Dit alles hielp me om eventjes afgeleid te worden; precies wat ik nodig had. Toen ik 's middags thuiskwam vroegen er 47 mailtjes of ik ze kon beantwoorden. Ik heb er 4 uur over gedaan om op een kwart te reageren, de rest moet maar wachten.
Die avond ben ik langsgeweest; niet bij haar, hoewel ze opgebaard ligt in haar eigen huis. Ik wil me haar herinneren zoals ze vroeger was, niet zoals ze de laatste jaren was. Als je het al zijn kan noemen. Ik heb met de daarnaast wonende familie gepraat, herinneringen opgehaald, oude filmpjes bekeken. En met mijn oudere neef, die haar van dichtbij en vanaf jonge leeftijd het gehele pad achteruit heeft zien afreizen, zitten kaarten en twee flessen wodka leeggemaakt. Waren er maar meer flessen geweest.

Over iets meer dan zeven uur draag ik haar in haar kist samen met mijn oudste neven de kerk in.

Mien,
Oma,
Ik zal je missen, en aan je blijven denken.

Rust zacht.